Dagboek 11. Moeder na een miskraam: kleine stapjes vooruit en geplukte herinneringen

Liefdevolle noot vooraf: Dit is een eerlijk en rauw hoofdstuk uit mijn dagboek. Mijn zwangerschap is bij dertien weken helaas geëindigd in een miskraam. Ik heb er bewust voor gekozen om dit verhaal te delen. Omdat deze gevoelens er waren, omdat de liefde en de verbinding heel echt waren, en omdat het verlies van een prachtig verlangen niet in de schaduw hoeft te blijven. Mocht dit thema momenteel te kwetsbaar voor je zijn, voel je vrij om dit bericht voorbij te laten gaan.

Een beurs lichaam, constante vermoeidheid en de eerste voorzichtige stapjes naar buiten

We proberen ons leven weer een beetje op te pakken. Bruno is hier en daar aan het werk vanuit huis en ik ben deze week sowieso nog afwezig van mijn werk.

Ik probeer bezig te zijn, maar niet te veel. Ik wil graag wandelen, maar doe alleen wat lukt. Helaas voelt mijn lichaam enorm beurs en heb ik veel hoofdpijn. De vermoeidheid en het verdriet zijn continu aanwezig. Ik slaap makkelijk negen uur op een nacht en kom alsnog doodmoe mijn bed uit. De eerste dagen liet ik dat toe, maar hoe meer de week vordert, hoe meer ik het gevoel krijg: laten we er even uit gaan. Al is het maar naar de supermarkt.

Een stukje dat nooit meer weggaat: over de weg vooruit en jezelf voelen als moeder na een miskraam 

We zijn regelmatig gaan wandelen in de buurt, maar we zijn ook even gaan lopen in een nieuwe wijk met veel groen en een biologische boerderijwinkel. Ook hebben we even boodschappen gedaan bij onze vertrouwde islamitische slager. Dat voelde eerst al ver genoeg, ook omdat ik nog niet helemaal vertrouwde op mijn lichaam. Uiteindelijk durfde ik in het weekend wel richting het strand en zijn we even lekker gaan uitwaaien voor een beetje afleiding.

Tijdens het wandelen in de buurt kwamen we erachter dat er vier pruimenbomen bij ons in de straat staan. Voorgaande jaren zagen we wel eens mensen plukken, maar we stonden er nooit echt bij stil wat ze aan het doen waren. Dit jaar gingen we kijken en zagen we een overvloed aan pruimen.

Wij zijn er een aantal keer langsgelopen en hebben pruimen geplukt. Eerst twee om te proeven, maar later zijn we teruggegaan met ons keukentrapje om een heleboel pruimen te verzamelen. Ik wist nog niet wat we ermee konden doen, maar op een goede ochtend met wat energie besloot ik een pruimentaartje te maken. Boter, bloem en eieren hebben we altijd wel in huis, dus ik ging op zoek naar een makkelijk recept.

(Je vindt het recept voor deze pruimentaart onderaan dit artikel).

Een stukje erbij

Het voelen en bewust stilstaan is iets wat mij enorm bezighoudt. Ik voel me ergens alsof er een stukje van mij verloren is gegaan met het verlies van Luz. Maar ik weet ook dat ik door moet en dat ik nog steeds Sheila ben. Misschien is er zelfs niet eens een stukje verloren gegaan, maar is er juist iets gegroeid.

Wij zijn toch papa en mama, voor altijd. Het moederschap heeft op dit moment niet de uitkomst waarop ik hoopte, maar ik bén wel moeder. Ik heb er dus een stukje bij gekregen. Dat stukje is rauw en het is nog onbekend, maar het is er.

Zondag hebben we gezocht naar een mooie manier om Luz een plekje te geven in onze woning. Niet te opvallend en niet te confronterend. Ik heb er zelf geen moeite mee om te kijken naar de foto’s van toen ze net op de wereld was gekomen, maar voor een ander is dat niet altijd een fijn beeld. Wij hebben gekozen voor een A4-afbeelding van de echo, maar dan in een minimalistische éénlijn-tekening (Bekijk hier de webste waar je zo’n echo-lijntekening kan laten maken).

Ik zag zelfs dat je zo’n lijntekening op een ketting kunt laten graveren, wat mij een heel bijzonder idee lijkt (Bekijk de echo-lijntekening ketting). Ik heb heel erg de behoefte om haar nooit te vergeten en haar dicht bij me te dragen — in mijn hart of aan een sieraad.

Ermee bezig zijn geeft mij rust. Het nog niet meteen hoeven beslissen, maar haar op deze manier laten voortleven door erover te praten en na te denken, brengt verlichting. Nu er een week is verstreken, voel ik me wat rustiger en minder overmand door emoties. Ik zie op tegen het normale dagelijkse leven omdat ik voor altijd aan haar wil blijven denken, maar ik weet dat het erbij hoort.

De confrontatie van het werk en de grens van de theorie

Met mijn werk had ik afgesproken om weer voorzichtig wat te komen werken. Niet op mijn eigen vertrouwde babygroep, maar met wat kantoorwerkzaamheden. Even kijken wat lukt, waarbij ik zelf de vrijheid had om mijn uren te bepalen.

Het was zwaar. De dag van het slechte nieuws, was een dag dat ik eigenlijk alleen “even” weg zou zijn tijdens mijn pauze voor de echo. Sindsdien – anderhalve week geleden – had ik mijn collega’s niet meer gezien. Ik had van tevoren een berichtje gestuurd dat ik soms overvallen kan worden door emoties, en dat ik liever niet over het verlies wilde praten tenzij ik zelf aangaf dat het oké was.

Maar op de tweede dag gebeurde er iets waar ik totaal niet op berekend was. De telefoon ging en het was een collega van een andere vestiging. Ze wist nog van niks en vroeg enthousiast hoe het met mij én met de baby ging. De vraag kwam als een mokerslag binnen. Ik werd er compleet door overvallen en de tranen schoten me direct in de ogen. Liegen dat alles goed ging, kon en wilde ik niet.

“Niet zo goed,” zei ik huilend.

“Oh, toch niets met de baby?” vroeg ze.

“Jawel, helaas kwamen we er bij de 13 weken-echo achter dat het hartje van onze baby niet meer klopte.”

De woorden rolden eruit omdat ik simpelweg niet wist wat ik anders kon zeggen. Mijn collega schrok enorm en voelde zich ontzettend naar. Ze wist niet goed wat ze moest zeggen en bood wel drie keer haar excuses aan: “Ohhh, ik had jullie echt wat anders gegund, wat ontzettend verdrietig…”

Wat ik bij thuiskomst op maandag voelde, was al totale uitputting. Maar na die dinsdag – met de opstapeling van het weer op het werk zijn én dit rauwe telefoontje – voelde ik me compleet uit het veld geslagen. Ik had me zo voorgenomen om mijn gevoel er te laten zijn, maar ik werd er simpelweg toch weer door overmand. Ik wist niet wat ik ermee aan moest, kon alleen maar huilen en wilde het liefst schreeuwen. De intense pijn die ik voelde, was niet meer weg te camoufleren. Ik kon het er wel laten zijn, maar ik wist niet hoe ik er op dat moment mee om moest gaan.

Het enige wat mij hielp, was samen met Bruno ademhalen. Hij hield mij stevig vast, ik huilde en samen ademden we.

Ik kan niet goed omschrijven wat er vanbinnen allemaal precies gebeurde, maar pure pijn is wat ik voelde. Misschien was het een opstapeling van de zeurende hoofdpijn, de oververmoeidheid, de spanning die het werken weer meebracht, het schuldgevoel dat ik mijn babygroep ‘in de steek’ had gelaten, en de druk die ik mezelf oplegde om weer mee te draaien.

Ik kon het mijzelf vooraf allemaal zo mooi en nuchter vertellen, maar het gevoel dat mij na twee halve daagjes werken bekroop, was ontzettend heftig.

Wat zou Luz willen zien?

Nadat we samen hadden geademd en gepraat, en nadat het verdriet er gewoon mocht zijn zonder dat het me verder overmande, ontstond er een heel mooi gesprek. Bruno vroeg me: “Wat denk je dat Luz zou willen zien als ze op ons neerkijkt?”

Dat raakte me diep. Ik wil mijn beste beentje voorzetten. Dat zal zeker niet altijd makkelijk zijn, maar door erover te praten, samen met Bruno te ademen en door af en toe een taartje te bakken, kom ik er wel.

Ik probeer niet te streng te zijn voor mezelf, al blijft dat op de zwakke momenten heel erg moeilijk. Nogmaals: ik ken alle pedagogische theorieën over emotieregulatie en zelfzorg, maar het in de praktijk toepassen én je eigen rauwe gevoelens er echt laten zijn, gaat simpelweg met vallen en opstaan.

Liefs,
Sheila

Recept: Zelfgeplukte Pruimentaart

Een heerlijke, ambachtelijke taart met een brosse zanddeegbodem, een zachte vulling van banketbakkersroom en verse pruimen.

Ingrediënten

Voor de deegbodem:

  • 300 g zelfrijzend bakmeel (plus extra om te bestuiven)
  • 180 g koude roomboter (in blokjes)
  • 50 g suiker
  • 1 eiwit (gesplitst: eiwit voor het deeg, eidooier bewaren voor de room)
  • Rasp van 1 biologische citroen
  • Mespunt zout

Voor de banketbakkersroom & vulling:

  • 250 ml volle melk
  • 1  eidooier (het bewaarde eidooier van het deeg)
  • 25 g suiker
  • 25 g maizena
  • 1 vanillestokje (of 1 tl vanille-extract)
  • Ca. 6 tot 8 verse pruimen (in partjes gesneden)


Bereidingswijze

Stap 1: Het deeg maken

  1. Splits het ei. Doe het zelfrijzend bakmeel, het eiwit, de suiker en een mespunt zout in een kom.
  2. Boen de citroen schoon en rasp de gele schil boven de kom.
  3. Voeg de koude boterblokjes toe en snijd deze met twee messen door het meel tot een kruimelig deeg.
  4. Kneed het deeg met de hand snel tot een samenhangende deegbal. Druk de bal plat, verpak in vershoudfolie en leg 1 uur in de koelkast om te rusten.

Stap 2: De banketbakkersroom maken

  1. Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap het merg eruit. Breng 200 ml van de melk samen met het vanillemerg op middelhoog vuur aan de kook (ca. 5 minuten).
  2. Klop in een kom de overige 50 ml melk los met de eidooier, de suiker en de maizena tot een glad papje.
  3. Giet al roerend een klein scheutje van de hete melk bij het eimengsel om te wennen aan de temperatuur (familieëren). Giet dit mengsel vervolgens terug in de pan bij de rest van de hete melk.
  4. Breng het geheel onder voortdurend roeren opnieuw aan de kook. Laat het 2 minuten zachtjes doorkoken tot het indikt tot een stevige vla. Blijf goed over de bodem roeren tegen aanbranden.
  5. Giet de banketbakkersroom op een plat bord/schaal en dek af met folie (rechtstreeks op de room) om velvorming te voorkomen. Laat afkoelen.

Stap 3: De taart opbouwen en bakken

  1. Verwarm de oven voor op 180 °C en vet een springvorm in.
  2. Bestuif het werkblad met wat meel en rol 2/3 van het deeg uit tot een plak van ca. 1 cm dik. Bekleed de bodem en randen van de springvorm hiermee.
  3. Bak de deegbodem eerst 15 tot 20 minuten blind in de oven.
  4. Snijd ondertussen de pruimen in parten (ca. 6 partjes per pruim).
  5. Haal de bodem uit de oven. Verdeel de afgekoelde banketbakkersroom gelijkmatig over de bodem.
  6. Schik de partjes pruim bovenop de room met de schilkant naar beneden.
  7. Bak de taart nog ca. 30 minuten af in de oven totdat de randen mooi goudbruin zijn en de pruimen zacht zijn geworden. Laat de taart goed afkoelen voordat je hem aansnijdt.

Twee harten, één reis

Een zwangerschap en het verlies beleef je samen, maar allebei vanuit een eigen perspectief. Achter elk verhaal van mij staat zijn rotsvaste steun. Ben je benieuwd hoe mijn partner deze reis heeft ervaren, wat zijn gedachten zijn en welke inzichten hij meeneemt? Neem dan gerust een kijkje op zijn plek: www.papaboven40.nl.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven